Rookworststoofschotel met spek, pastinaak, doperwtjes en knolselderijpuree

Dit recept verscheen eerder op torpedomagazine.nl

Het is winter. Of nou ja, bijna dan. Evengoed viert de rookworst hoogtijdagen. Want wat is ie toch lekker bij een bordje stamppot. En wat is stamppot toch heerlijk als het buiten koud en mistig is. Toch verdient de rookworst wat mij betreft een betere plek dan altijd maar het randje van mijn bord. Je kunt ‘m namelijk ook prima bakken, grillen, of zelfs verwerken in een stoofschotel.

Vorig jaar heb ik eens een heerlijke stoofschotel van de Australische chefkok Gary Mehigan nagemaakt, met schorseneren, doperwtjes en tijm. ‘But if you can’t find salsify , you can also use parsnip’, zei hij er toen bij. Daar houd ik van, als koks niet te veel vasthouden aan hun ingrediënten. Helemaal als ze moeilijk vindbare spullen gebruiken. Dus ging ik deze keer voor parsnip, want ‘de schorseneren waren nog onderweg’. Ook voegde ik kruidnagel en laurier toe aan het recept, omdat dat mij wel lekker leek en omdat ik niet graag twee keer precies hetzelfde klaarmaak.

Zo werd deze stoofschotel een klein experiment, want de rookworst ging er natuurlijk ook nog bij in. Als bijgerecht maakte ik trouwens knolselderijpuree, omdat dat tien keer lekkerder is dan gewone aardappelpuree en omdat ik de knolselderij in al zijn pokdaligheid een van de meest ondergewaardeerde groenten vind.

 

De ingrediënten voor vier personen (of twee die hier dan twee dagen van kunnen eten)

  • 1 rookworst, in grove stukken
  • 250 gram spek, in blokjes
  • 2 pastinaken, in stukjes
  • 2 sjalotten, fijngesnipperd
  • 250 gram doperwtjes
  • 6 takjes tijm (van 4 alleen de blaadjes, en 2 takjes om te garneren)
  • 2 tenen knoflook, fijngesneden
  • 1 theelepel kruidnagels
  • 2 laurierblaadjes
  • 1 flinke eetlepel crème fraîche
  • Een blokje roomboter
  • 150 milliliter kokend water

Voor de puree

  • Een halve knolselderij, in blokjes
  • Twee flinke, kruimige aardappelen, in blokjes
  • 100 milliliter slagroom (of melk, als je aan de lijn bent)
  • 1 eetlepel versgeraspte nootmuskaat

De bereiding

Zet een grote met water op en kook daarin de aardappelen en knolselderij gaar. Voeg de knolselderij pas na vijf minuten toe, want die is sneller gaar dan de aardappelen. Giet af, maar laat een klein laagje water in de pan. Voeg de slagroom toe en pureer alles tot een gladde puree (ik doe dat met de staafmixer, omdat je dan tegelijk de slagroom klopt en de puree daar heel luchtig van wordt). Rasp er tot slot nootmuskaat over.

Laat, terwijl de aardappelen op staan, de boter smelten in een grote stoofpan. Bak het spek bruin en knapperig. Voeg daarna de sjalotten toe en bak ze kort mee. Doe de knoflook en de tijm erbij en giet dan het water in de pan. Vul een kruidenbuiltje (een soort groot thee-ei) met de laurier en kruidnagel en hang die in de pan. Voeg daarna de rookworst en pastinaak toe en laat dit 10 minuten sudderen met de deksel op de pan (niet langer, want anders wordt de pastinaak te zacht). Voeg op het laatst de doperwten en de crème fraîche toe. Verwijder het kruidenbuiltje, roer alles even goed door en klaar is de stoofschotel. Eet smakelijk!

Tip

Deze stoofschotel is ook erg lekker met schorseneren. Kook de schorseneren dan wel even voor in een pan met water en melk. Anders kleuren ze bruin. U kunt de schorseneren daarna tegelijk met de doperwten toevoegen aan de stoofschotel.